Je kunt alleen bij fotoboeken paginanummers instellen.
Je vindt de knop 'Paginanummers invoegen...' in de werkbalk.
Met 'Paginanummers weergeven' kun je de weergave van paginanummers op alle binnenpagina's in- of uitschakelen.
Je kunt kiezen uit de volgende paginanummeringen:
Arabische cijfers (1, 2, 3, ...)
Kleine Romeinse cijfers (i, ii, iii, ...)
Grote Romeinse cijfers (I, II, III, ...)
Kleine letters (a, b, c, ...) en
Hoofdletters (A, B, C, ...).
De tekst van de paginanummering is standaard '%'. Het procentteken staat daarbij voor het paginanummer en mag niet worden verwijderd. Je kunt de rest van de tekst wel gewoon aanpassen.
'Pagina %' wordt 'Pagina 1', 'Pagina 2', 'Pagina 3', etc.
'- % -' wordt '- 1 -', '- 2 -', '- 3 -', etc.
en 'Fotoboek pagina %, bruiloft van Linda en Paul' wordt 'Fotoboek pagina 1, bruiloft van Linda en Paul', 'Fotoboek pagina 2, bruiloft van Linda en Paul', etc.
De afstand van de paginanummering tot de rand van de pagina kan horizontaal en verticaal worden ingesteld van 0 tot 50 mm. Je kunt ook nog een 'Achtergrondkleur' voor het tekstveld met de paginanummering instellen.
De volgende instellingen zijn bedoeld voor het plaatsen van paginanummering op de pagina's:
|
Pagina 2 |
Pagina 3 |
Pagina 2 |
Pagina 3 |
|
|
midden boven |
|
buitenkant boven |
||
|
Pagina 2 |
Pagina 3 |
Pagina 2 |
Pagina 3 |
|
|
midden onder |
|
buitenkant onder |
||
Bij de tekstopmaak kun je het lettertype, de lettergrootte, de tekststijl (vet en cursief) en de tekstkleur van de paginanummering instellen. Je kunt verder ook de kleur en dikte van de letterrand wijzigen.
Bij de voorbeeldtekst kun je zien hoe de tekst eruitziet als je de instellingen wijzigt.
Je kunt het aantal pagina's voor je fotoboek verlagen door bij de producteigenschappen (in de software rechtsonder of met de knop in de werkbalk) op 'Pagina's' te klikken. Je kunt nu in stappen van 8 het aantal pagina's verhogen of verlagen.
Let op: er is, afhankelijk van het fotoboek dat je hebt gekozen, een minimaal en maximaal aantal pagina's voor het fotoboek ingesteld.
Bij de fotoboeksoftware kun je gebruikmaken van veel verschillende kant-en-klare indelingen. Je kunt deze miniaturen bij het tabblad 'Indelingen' vinden en uitzoeken (de selectie die je te zien krijgt, is afhankelijk van het aantal foto's per pagina).
Selecteer de gewenste indeling door op de linkermuisknop te klikken en voeg deze indeling in je fotoboek in. Daar kun je de knoppen onder de miniaturen voor gebruiken.
De indelingen zijn voor een beter overzicht opgedeeld in categorieën. Je kunt zo ook makkelijker alleen indelingen in een bepaalde stijl gebruiken voor je fotoboek.
Onder indelingen kun je voor de binnenpagina's ook nog de volgende knoppen gebruiken:
'Indeling toepassen op deze twee pagina's' - hiermee wordt de indeling die je hebt gekozen, ingevoegd op beide pagina's die je hebt geopend
'Indeling toepassen op linkerpagina' - hiermee wordt de indeling die je hebt gekozen, ingevoegd op de linkerpagina die je hebt geopend
'Indeling toepassen op rechterpagina' - hiermee wordt de indeling die je hebt gekozen, ingevoegd op de rechterpagina die je hebt geopend
'Indeling op alle binnenpagina's toepassen' - hiermee wordt de indeling die je hebt gekozen, ingevoegd op alle binnenpagina's van het fotoboek
'Indeling op alle linkerbinnenpagina's toepassen' - hiermee wordt de indeling die je hebt gekozen, ingevoegd op alle linkerbinnenpagina's van het fotoboek
'Indeling op alle rechterbinnenpagina's toepassen' - hiermee wordt de indeling die je hebt gekozen, ingevoegd op alle rechterbinnenpagina's van het fotoboek
'Eigen indeling wissen' - hiermee kun je indelingen die je zelf hebt gemaakt en niet meer wilt gebruiken, weer wissen
Je kunt een andere kant-en-klare indeling invoegen door in het selectiedeelvenster op 'Indelingen' te klikken, een nieuwe indeling uit te zoeken en naar het werkblad te slepen.
Of klik in de bovenste werkbalk op 'Andere indeling'. Hiermee wordt de volgende opgeslagen indeling met hetzelfde aantal foto's gebruikt.
Of wijzig de indeling handmatig door fotovelden te verschuiven, te schalen of nieuwe fotovelden in te voegen of fotovelden te wissen.
Je kunt je eigen indelingen natuurlijk ook opslaan in de software.
Klik hiervoor op een fotoveld op de pagina waarvan je de indeling wilt opslaan. Klik vervolgens in de werkbalk bij 'Indeling' op 'Deze indeling opslaan'. Nu wordt je eigen indeling meteen opgeslagen in de hoofdcategorie van de indelingen. Deze indeling wordt verder gemarkeerd met een groen sterretje. Zo kun je je eigen indelingen sneller vinden. Je kunt je eigen indelingen ook vinden in de categorie 'Mijn indelingen' onder het tabblad 'Indelingen'.
Eigen indelingen kunnen dan ook worden gebruikt voor andere fotoboeken. Je kunt alleen eigen indelingen voor één pagina in het fotoboek opslaan, dus niet voor een dubbele pagina.
Ja, zeker.
Ten eerste wordt het exacte formaat van een fotoveld als tooltip weergegeven als je een fotoveld schaalt.
Ten tweede kun je het formaat (en ook de positie en draaiing) van een of meerdere geselecteerde fotovelden precies instellen met 'Objecten positioneren' (formaat, positie en draaiing).
Ten derde kun je met 'Formaat van de objecten gelijktrekken' alle fotovelden die je hebt geselecteerd, even groot maken. Het fotoveld dat je als laatst hebt geselecteerd, is hier bepalend voor.
En als vierde kun je een raster gebruiken zodat je meer controle hebt over het formaat van de fotovelden.
| Tip: Wil je het ingestelde formaat van een fotoveld ook voor andere foto's gebruiken? Selecteer dit fotoveld dan en klik op 'Nieuw fotoveld plaatsen' in de werkbalk. Het nieuwe fotoveld heeft dan precies hetzelfde formaat als het geselecteerde fotoveld. Je kunt zo heel makkelijk foto's van hetzelfde formaat in je fotoboek plaatsen. Je kunt dit zo vaak doen als je wilt. |
Fotovelden kunnen elkaar ook gedeeltelijk of geheel overlappen en bedekken.
Met de knoppen 'Een laag naar voren' en 'Een laag naar achteren' (in de werkbalk) kun je instellen in welke volgorde de velden op elkaar liggen, dus welk veld op de voorgrond en welk op de achtergrond van de indeling ligt.
Tekstvelden liggen altijd op de voorgrond en kunnen wel onder een ander tekstveld, maar nooit onder een foto geschoven worden.
Eerste mogelijke oorzaak:
Je hebt de functie 'Automatisch aanpassen van de indeling' ingeschakeld.
Als je een nieuw fotoveld op de pagina van een product plaatst of een fotoveld verwijdert, wordt hiermee automatisch een volgende opgeslagen indeling gebruikt op de pagina die past bij het (nieuwe) aantal gebruikte foto's. Zo wordt ervoor gezorgd dat de fotovelden goed over de pagina's worden verdeeld. Er verschijnt een melding als er geen passende indeling is gevonden. Je kunt de functie met deze knop in de werkbalk in- of uitschakelen.
Tweede mogelijke oorzaak:
Je hebt bij instellingen bij 'Wat te doen bij het toevoegen van foto's' de optie 'formaat van het fotoveld aanpassen, zodat de foto optimaal in het kader past', ingesteld. Hiermee wordt het fotoveld aan de indelingen van de foto aangepast. De langste kant van de foto wordt daarbij zo goed mogelijk aan het fotoveld aangepast. Wijzig de instelling in 'veldgrootte behouden en het midden van de foto gebruiken' als je niet wilt dat het formaat van het fotoveld automatisch wordt gewijzigd.
Selecteer de gewenste indeling in het selectiedeelvenster en klik op 'Indeling op alle binnenpagina's toepassen' onder de miniaturen.
Kies als je lege pagina's in je fotoboek wilt hebben om elke pagina zelf op te maken, een indeling met 0 foto's.
Ja, je kunt je eigen indeling ook weer wissen of eerst naar de prullenbak verplaatsen. In het selectiedeelvenster vind je meteen onder de miniaturen de knop 'Object naar de prullenbak verplaatsen'. Deze knop is helemaal rechts te vinden en daarna kun je de prullenbak leegmaken.
Nee, je kunt kant-en-klare indelingen niet bewerken. Bij de meeste indelingen kun je bij de miniaturen ook een gespiegelde variant vinden.
Indelingen worden altijd gezien als een object voor één pagina van het fotoboek. Het is daarom niet mogelijk om een indeling voor een dubbele pagina te maken of op te slaan.
| Tip: Maak zelf een indeling voor een dubbele pagina en sla de linker- en rechterpagina op als eigen indeling. Je kunt deze indelingen dan weer invoegen op de linker- en rechterpagina van je fotoboek. Het is ook mogelijk om een fotoveld over beide pagina's te slepen. Het fotoveld wordt dan bij de indeling van de pagina opgeslagen waar het middelpunt van de foto ligt. |
Je kunt met de toetsencombinatie 'Ctrl' + 'D' de hele inhoud van de pagina die je hebt geopend (indeling inclusief cliparts, velden, foto's, teksten, etc.) naar de volgende pagina kopiëren.
Je kunt verder foto's, teksten maar ook complete indelingen met de knoppen 'Kopiëren' en 'Plakken' naar een andere pagina naar keuze kopiëren. Gebruik hiervoor de knoppen bij 'Bewerken' in de werkbalk of gebruik de toetsencombinaties 'Ctrl' + 'C' ('C' van copy) en 'Ctrl' + 'V' ('V' wordt daarbij gezien als een pijl voor 'Plakken' en het is makkelijk dat deze toets meteen naast de 'C' op het toetsenbord ligt). Selecteer en kopieer de gewenste inhoud. Ga dan naar de gewenste pagina en plak de gekopieerde inhoud hier.
Je kunt pagina's van het fotoboek alleen als dubbele pagina verschuiven.
Klik hiervoor bij de miniaturen van het fotoboek op de dubbele pagina die je wilt verschuiven, houd de linkermuisknop ingedrukt en verschuif de dubbele pagina zo naar de gewenste positie. Zo kun je dubbele pagina's die nog leeg of al opgemaakt zijn, verschuiven.
Je vindt achtergronden in het selectiedeelvenster.
Je kunt met het keuzemenu in het selectiedeelvenster een bepaalde categorie kiezen en de selectie daarmee beperken. Als je dubbelklikt op een miniatuur in het selectiedeelvenster, wordt deze achtergrond op de dubbele pagina geplaatst. Wil je een achtergrond alleen gebruiken voor een linker- of rechterpagina? Selecteer de achtergrond dan, houd de linkermuisknop ingedrukt en sleep de achtergrond naar de gewenste pagina.
Onder in de werkbalk in het voorbeeldvenster zijn ook knoppen te vinden waarmee je achtergronden kunt invoegen.
Als je de achtergrond op alle pagina's wilt gebruiken, hoef je dit niet voor elke pagina apart te doen. Je kunt deze functies ook vinden in het contextmenu (rechtermuisknop op de miniatuur).
Als er op een pagina geen achtergrond wordt ingevoegd, blijft de achtergrond wit.
In de software is een selectie van onze achtergronden te vinden die je kunt aanvullen met andere achtergronden.
Dat doe je als volgt:
Je kunt achtergronden daarna in het selectiedeelvenster vinden onder 'Achtergronden'. Je vindt de achtergrond dan in de bijbehorende categorie.
| Let erop dat het niet mogelijk is om de achtergronden uit het voorbeeldvenster op je computer op te slaan en als achtergrondfoto te gebruiken door met de rechtermuisknop te klikken op 'Opslaan als...'. Als je een achtergrond op deze manier opslaat, is de resolutie niet hoog genoeg voor een fotoboek en de kwaliteit ervan is dan slecht. |
Het gaat hierbij puur om miniaturen om op een beeldscherm weer te kunnen geven.
Achtergronden met een hoge resolutie voor de druk of afdruk van foto's zijn beschikbaar voor de productie. Als de bestelling wordt afgesloten, krijgt de productievestiging alleen een referentie van de originele foto met hoge resolutie te zien. Aan de hand van deze referentie wordt bij de productie het achtergrondbestand met hoge resolutie gebruikt en gedrukt. Dit wordt zo gedaan om grote hoeveelheden gegevens bij de installatie van deze software en bij de bestelling te voorkomen.
In de werkbalk in het voorbeeldvenster (onder de miniaturen) vind je de knoppen 'Foto als achtergrond op beide pagina's', 'Foto als achtergrond links' en 'Foto als achtergrond rechts'. Met deze knoppen kun je de foto die je hebt geselecteerd, instellen als achtergrond op beide pagina's of op de linker- of rechterpagina van je fotoboek.
In tegenstelling tot de standaardachtergronden kun je de foto die je als achtergrond hebt ingesteld, in het werkvenster selecteren en bewerken met de fotoshow. Je kunt de foto hiermee bewerken en de kleur of helderheid aanpassen of een foto-effect gebruiken.
Methode 1: selecteer de foto op de pagina en druk op de delete-toets op het toetsenbord.
Methode: 2: kies gewoon een andere achtergrond voor deze pagina. Dat kan een achtergrond van de software zijn, maar ook een andere eigen foto.
Je kunt achtergronden in de software niet bewerken.
| Tip: Maak en bewerk zelf achtergronden met je eigen foto's. Zo kun je je eigen achtergronden maken. |
Dat is alleen mogelijk als je je eigen foto als achtergrond gebruikt.
Met de 'fotoshow' kun je je foto's bewerken.
Bij het tabblad 'Aanpassingen' is ook de knop 'Vervagen' te vinden. Je kunt de foto met de schuifbalken naar wit verbergen of onscherp maken. Bevestig je instellingen door op 'OK' te klikken. De gegevens worden nu door het programma omgerekend.
Belangrijk: de originele bestanden blijven behouden!
Je kunt de bewerkte foto nu meteen in het fotoboek plaatsen door te klikken op 'Terug'.
| Tip: Klik eens op de knop 'Achtergrondfoto' (ook onder 'Aanpassen'). Dat is een speciaal foto-effect waarmee je foto wordt voorbereid om als stijlvolle achtergrond te worden gebruikt. Met het effect 'achtergrondfoto' wordt je foto eigenlijk 'vervaagd' met vooraf ingestelde standaardwaarden. |
Bij de knoppen voor 'weergave en invoegen' (onder de miniaturen) vind je de knoppen 'Foto als achtergrond op beide pagina's', 'Foto als achtergrond links' en 'Foto als achtergrond rechts'. Met deze knoppen kun je de foto die je hebt geselecteerd, instellen als achtergrond op beide pagina's of op de linker- of rechterpagina van het fotoboek dat je hebt geopend.
Je vindt hier verder de knoppen 'Foto als achtergrond op alle pagina's', 'Foto als achtergrond op alle linkerpagina's', 'Foto als achtergrond op alle rechterpagina's. Met deze knoppen kun je de foto die je hebt geselecteerd, instellen als achtergrond op alle dubbele pagina's of op alle pagina's op de linker- of rechterpagina's van je fotoboek.
In de software is maar een kleine selectie van onze designs te vinden die je kunt aanvullen met andere designs.
Dat doe je als volgt:
Je kunt de designs daarna in het selectiedeelvenster vinden onder 'Designs'. Je vindt het design dan in de bijbehorende categorie.
Wil je een collage maken die door de software met jouw foto's wordt samengesteld? Ga naar de pagina in het fotoboek waar de collage moet komen te staan.
Zoek nu links in het selectiedeelvenster de gewenste foto's uit voor de collage door de foto's te selecteren.
Klik nu met de rechtermuisknop op 'Geselecteerde foto's als collage ...'. Je kunt kiezen of je collage op de linker- of rechterpagina of op beide pagina's moet komen te staan.
Met deze opdracht maak je van de geselecteerde foto's een collage. De grootte en positie van de foto's worden automatisch aangepast. Je kunt vaker op deze knop klikken tot je tevreden bent met het resultaat.
|
Tip: |
Of klik bij indelingen op de categorie 'Volledig' en zoek hier een indeling uit die je mooi vindt. Daarmee heb je meer controle over het resultaat.
Je kunt de foto's later nog in fotovelden schuiven of van plaats wisselen door een foto naar een ander fotoveld te verschuiven.
Met een sjabloon (voorheen 'passepartout') snijd je een foto in een bepaalde vorm bij. De randen van de foto kunnen daarbij, afhankelijk van het gekozen sjabloon, duidelijk afsteken tegen de achtergrond of juist qua kleur passen bij de achtergrond.
Voorbeelden van sjablonen:

Een kader is een combinatie van een sjabloon en een bijpassende clipart.
Voorbeelden van kaders:

In het keuzemenu kun je kiezen uit verschillende categorieën sjablonen en kaders.
Sleep een sjabloon of kader uit het selectiedeelvenster naar de gewenste foto of het gewenste fotoveld op het werkblad. Je kunt meteen het resultaat zien.
Met een sjabloon kun je je foto's een bepaalde vorm geven. Delen van een foto worden hierbij afgedekt door een sjabloon (ze worden 'doorzichtig'). Je kunt zo heel makkelijk maar doeltreffend je eigen foto's een andere vorm geven, fotocollages maken of foto's met overgangen in elkaar over te laten lopen.
Sjablonen kunnen niet worden bewerkt.
Je kunt meer sjablonen en kaders, cliparts, stijlen en achtergronden downloaden van internet door te klikken op de knop 'Meer...'. Ze worden automatisch geïnstalleerd en kunnen meteen worden gebruikt.
De fotoboeksoftware heeft een hulpraster om je foto's precies te positioneren.
Klik in de werkbalk op 'Hulpraster'. Hiermee kan de hulprasterfunctie om objecten beter binnen een fotoveld te kunnen plaatsen, worden ingeschakeld. De fotovelden worden dan, als dit bij instellingen zo is geconfigureerd, in de hoekpunten van het hulpraster geplaatst. Het hulpraster maakt geen deel uit van het uiteindelijke product: Het raster wordt niet gedrukt of afgedrukt.
Je kunt de afstanden tussen de rasterlijnen en het uitlijnen op de hulplijnen bij 'Instellingen' in de menubalk onder 'Editor' instellen.
Bij foto's die te dicht op de rand van de pagina staan (minimaal 2 tot 5 mm van de rand, afhankelijk van het product) is standaard ingesteld dat ze aan de rand worden vastgelegd. Zo kunnen zogenaamde ongewenste randen worden voorkomen.
Een ongewenste rand is een smalle strook tussen een foto en de rand van de pagina. Dat ziet er niet mooi uit en daarom moeten foto's op een bepaalde afstand van de rand van de pagina worden geplaatst of altijd iets over de rand heen staan. Als foto's over de rand heen staan, wat ook wel 'afloop' wordt genoemd, wordt dit bij het afsnijden van foto's bij de productie weer rechtgetrokken.
Bij 'Instellingen' (zie hoofdstuk 'Instellingen') vind je onder 'Editor' de functie 'Foto's automatisch positioneren als ze te dicht bij de rand staan?'.
Je kunt kiezen uit de instellingen
Opmaakelementen (designs, indelingen, achtergronden, etc.) die je erg mooi vindt en vaker wilt gebruiken, kun je verzamelen in de categorie 'Favorieten'.
Selecteer hiervoor het object en klik onder het voorbeeldvenster op 'Als favoriet markeren'.
Dit object wordt dan gemarkeerd met een duimpje en de favorieten staan altijd helemaal vooraan.
In de categorie 'Favorieten' zijn alleen de objecten te vinden die je hebt geselecteerd als favoriet.
Met de knop 'Niet meer als favoriet markeren' wis je het object weer uit de lijst met favorieten.
Opmaakelementen (designs, indelingen, achtergronden, etc.) die je helemaal niet mooi vindt en nooit zult gebruiken, kun je naar de 'prullenbak' verplaatsten.
Selecteer hiervoor het object (of meerdere objecten) en klik onder het voorbeeldvenster op 'Object naar prullenbak verplaatsen'.
Het object is dan niet meer te zien bij de miniaturen.
Dit object wordt voor de zekerheid niet meteen gewist, maar eerst naar de categorie 'Prullenbak' verplaatst.
Je kunt het object in de categorie 'Prullenbak' herstellen of de prullenbak leegmaken en de inhoud definitief wissen met de knoppen onder het voorbeeldvenster.